Interview met Maartje Brans, Directeur Innovatie van netwerkbedrijf Alliander over eerlijkheid, lef en het energiesysteem van de toekomst
Bedrijven die willen elektrificeren of uitbreiden lopen er dagelijks tegenaan: het elektriciteitsnet zit vol. De voorspellingen voor de komende jaren is dat het alleen maar erger wordt. Volgens de directeur innovatie van een van de grootste Nederlandse netwerkbedrijf moeten we ons realiseren dat netcongestie niet vanzelf verdwijnt — zelfs niet als we miljarden investeren in uitbreiding. Sterker nog: de energietransitie vraagt om een fundamenteel andere manier van kijken.
Harde grenzen
“We moeten openstaan voor een nieuwe ordening van het energiesysteem. Dat vraagt lef én eerlijkheid: de transitie doet soms pijn, en dat verhaal moeten we ook vertellen.”
Veel organisaties verwachten dat netwerkbedrijven het probleem ‘simpelweg’ oplossen door het net versneld te verzwaren. Maar zo werkt het niet, zegt ze. “Als we het net uitbreiden binnen de grenzen van het huidige systeem, leggen we een tienbaans snelweg aan voor alleen de spits. Dat is niet houdbaar. We moeten ons realiseren dat er harde grenzen zitten aan het huidige systeem.” Volgens haar is dit hét moment om na te denken over het energiesysteem voor toekomstige generaties. Dat lukt alleen als alle betrokken partijen — bedrijven, overheden, kennisinstellingen en netwerkbedrijven — durven los te komen van bestaande structuren. “We moeten openstaan voor een nieuwe ordening van het energiesysteem. Dat vraagt lef én eerlijkheid: de transitie doet soms pijn, en dat verhaal moeten we ook vertellen.”
Oplossingsgericht denken én doen
“Het zou heel wenselijk zijn als we onderkennen dat we naar een aanbod gestuurd systeem gaan — en daar onze wetgeving op aanpassen.”
Innovatie werkt alleen als bedrijven die oplossingen ook kunnen toepassen. Daarom kiest de netwerkbedrijf steeds vaker voor gezamenlijke innovatieprogramma’s met marktpartijen. “Wij ontwikkelen oplossingen samen met de markt, juist omdat we een maatschappelijke uitdaging delen. In die samenwerking wordt meteen duidelijk wat er van de netwerkbedrijf nodig is voor uitrol en opschaling. Daardoor bouwen we vanaf de start aan oplossingen die écht toepasbaar zijn.” De grootste uitdaging ligt volgens haar niet in het bedenken van nieuwe concepten, maar in het organiseren van adoptie binnen de eigen organisatie en in de sector.
Beleid speelt daarbij een cruciale rol. Regelgeving sluit nog onvoldoende aan op het energiesysteem van de toekomst, waardoor veel flexibiliteit onbenut blijft. “Het zou heel wenselijk zijn als we onderkennen dat we naar een aanbod gestuurd systeem gaan — en daar onze wetgeving op aanpassen. Flexibiliteit moet centraal staan. Als we energie gebruiken wanneer het beschikbaar is, creëren we enorm veel ruimte.” Voor bedrijven betekent dit dat sturen op flexibiliteit niet alleen een kans wordt, maar een randvoorwaarde voor groei.
Betrouwbaarheid voorop
“Elke investering moet bijdragen aan het energiesysteem dat meerdere generaties vooruit kan.”
Tegelijkertijd staat het netbeheer onder grote druk: het moet sneller, goedkoper en wendbaarder, maar ook betrouwbaar blijven. Nederland heeft één van de betrouwbaarste elektriciteitsnetten ter wereld en die kwaliteit wil de sector behouden. “We zijn jarenlang gestuurd op het minimaliseren van storingsminuten. Dat blijft belangrijk. Maar we moeten ook durven kijken waar de kritische grens ligt tussen betrouwbaarheid en het maximaal benutten van het huidige net. Elke investering moet bijdragen aan het energiesysteem dat meerdere generaties vooruit kan.”
Ondertussen wordt er op een ongekende schaal uitgebreid: 100.000 kilometer nieuwe kabels, 50.000 nieuwe transformatorhuisjes en één op de drie straten die open moet. Toch is dat niet genoeg om alle piekvragen tegelijk te bedienen. “De opgave is simpelweg te groot. We moeten eerlijk zijn over wat wel en niet kan.” Tegelijkertijd ligt er een enorm onbenut potentieel in flexibilisering, benadrukt ze. “Door energie te gebruiken wanneer die beschikbaar is en te besparen wanneer het schaars is, kunnen we veel meer binnen het huidige net. Piekreductie is misschien wel de grootste kans die we als samenleving nog laten liggen.” Voor bedrijven betekent dit concreet dat flexibiliteit net zo strategisch belangrijk wordt als capaciteit.
Persoonlijke drive
Wat drijft haar om midden in deze complexe transitie te werken? “Dit is één van de grootste maatschappelijke vraagstukken van deze tijd. Geen enkel bedrijf kan dit alleen oplossen. Mijn motivatie is bij te dragen aan een energiesysteem waarin ook toekomstige generaties eerlijke toegang tot energie hebben en kunnen rekenen op betrouwbaarheid.” Voor haar is het ook persoonlijk. “Ik wil aan mijn kinderen kunnen uitleggen dat ik erbij was, in het hart van de transitie, en wat ik heb gedaan om mee te helpen.”
De boodschap voor bedrijven die hinder ondervinden van netcongestie is helder maar hoopvol: het net wordt fors uitgebreid, maar dat alleen is niet genoeg; flexibiliteit en slim energiegebruik worden strategisch essentieel; innovaties ontstaan steeds vaker in samenwerking met marktpartijen; en het energiesysteem gaat fundamenteel veranderen. Wie nu al meebeweegt, heeft straks een voorsprong.
Maartje Brans spreekt 27 november op ENERGIZED 2025: Netcongestie
Deel dit artikel